GS-Besluiten

dinsdag 26 mei 2020 09:30 - 12:00
Locatie:
Microsoft Teams
Voorzitter:
J.H. Oosters

Agendapunten

  • 00
  • 0.08.H

    Essentie / samenvatting:
    Op 16 maart jl. heeft het Dagelijks Bestuur van Het Utrechts Archief (HUA) de ontwerp Programmabegroting 2021-2024 goedgekeurd. Als deelnemer van HUA hebben Provinciale Staten (PS) op grond van artikel 59 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) deze ontwerp Programmabegroting 2021-2024 aangeboden gekregen waarbij de mogelijkheid is geboden om op dit stuk een zienswijze in te dienen. Op basis van de vastgestelde Nota Verbonden Partijen (5 februari 2018, PS2018BEM01) hebben Provinciale Staten (PS) het college van Gedeputeerde Staten gemandateerd om namens hen deze aangeboden ontwerp-Programmabegroting te behandelen, inclusief de zienswijzeprocedure.
    Met de ontwerp Programmabegroting 2021 kan worden ingestemd aangezien deze past binnen het budget van Domein Bestuurs- en Directieondersteuning en Opgaven en dus binnen de begroting. Er wordt een zienswijze ingediend om een aantal punten onder de aandacht van het algemeen bestuur HUA te brengen.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. kennis te nemen van de Ontwerp Programmabegroting 2021-2024 HUA, de Jaarrekening HUA 2019 en de kadernota HUA 2020;
    2. de zienswijze op de Ontwerp Programmabegroting 2021-2024 aan het algemeen bestuur van HUA vast te stellen;
    3. de bijgevoegde statenbrief vast te stellen en deze ter informatie toe te zenden aan Provinciale Staten.

  • 0.13.H

    Essentie / samenvatting:
    Statenlid Berlijn van Forum voor Democratie heeft vragen gesteld over participatie in de Regionale Energie Strategie (RES) Amersfoort en tevens over de RES’en U16 en Food Valley.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten de Beantwoording van de schriftelijke vragen, ex art. 47 van het Reglement van Orde Provincie Utrecht van het Statenlid Berlijn van Forum voor Democratie betreffende de RES Amersfoort, vast te stellen en te verzenden.

  • 0.14A.H

    Essentie / samenvatting:
    Ondernemers hebben het in deze tijd van het coronavirus moeilijk. D66 vindt het wenselijk iets meer begrip te tonen voor de positie van ondernemers waar het gaat om reclame-uitingen langs bijvoorbeeld provinciale wegen. Ze verzoeken daarom om de handhaving inzake bebording/reclame-uitingen van ondernemers in deze corona-tijd op te schorten.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten de beantwoording van de aanvullende schriftelijke vragen ex art. 47 van het Reglement van Orde Provincie Utrecht van de Statenleden mevrouw Chidi en de heer Kamp van D66 van 28 april 2020 over de handhaving op reclame-uitingen van ondernemers in coronatijd vast te stellen en te verzenden.

  • 0.15.H

    Essentie / samenvatting:
    Door de Verenigde Bedrijven Noordeik en/of de Contactgroep Baarnse Bedrijven is een bezwaarschrift ingediend tegen een ontheffing als bedoeld in artikel 3.8, eerste lid, Wet natuurbescherming (hierna: Wnb). De AWB-adviescommissie van PS en GS  (hierna: de adviescommissie) heeft het bezwaar ontvankelijk geacht en geadviseerd de bezwaren ongegrond te verklaren. Nu echter niet is voldaan aan de formele vereisten voor het indienen van het bezwaarschrift en indiener niet heeft aangetoond belanghebbende te zijn, dient het bezwaar, naar ons oordeel, niet-ontvankelijk te worden verklaard.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. de bezwaren niet-ontvankelijk te verklaren en het besluit van 14 augustus 2019 in stand te laten;
    2. de afdoeningsbrief vast te stellen en te verzenden.

  • 0.19.H

    Essentie / samenvatting:
    Een landelijke milieubelangenorganisatie (MOB) heeft eind 2018 aan Gedeputeerde Staten gevraagd handhavend op te treden tegen negen agrarische bedrijven in onder andere Lopik en Cothen vanwege vermeende overtredingen van de Wet natuurbescherming (Wnb). Gedeputeerde Staten wezen dat verzoek af met een beroep op de landelijke Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB maakte daar bezwaar tegen. Op 29-5-2019 verklaarde de Raad van State de PAS onverbindend. Provincies werden opgedragen om vóór 1-2-2020 hun eerdere beslissingen hierop aan te passen. Omdat het ontwikkelen van nieuwe landelijke beleidskaders langer duurt dan gedacht, hebben Gedeputeerd Staten begin maart 2020 de gevraagde nieuwe beslissing op bezwaar verdaagd. MOB wenst geen verder uitstel en heeft tegen de verdaging beroep aangetekend. In overleg met de Rechtbank Midden-Nederland besluiten Gedeputeerde Staten alsnog inhoudelijk te reageren en wijzen het handhavingsverzoek af. Reden: op dit moment kan niet worden ingeschat of een handhavingsinterventie al dan niet proportioneel is, onder andere omdat nieuwe, juridisch verankerde beleidskaders voor de onderdelen ‘beweiden’ en ‘bemesten’ nog ontbreken. Gedeputeerde Staten sturen op grond van de Landelijke Handhavingsstrategie de betreffende agrarische bedrijven een waarschuwing en verzoeken hen over de afgelopen jaren gegevens aan te leveren met betrekking tot bemeste en te bemesten percelen.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. het handhavingsverzoek van Coöperatie Mobilisation for the Environment af te wijzen;
    2. de in het handhavingsverzoek genoemde agrarische bedrijven, conform de Landelijke Handhavingsstrategie, een waarschuwingsbrief te sturen en gelijktijdig toepasselijke bedrijfsinformatie op te vragen;
    3. de beslissing op bezwaar beargumenteerd vast te stellen en aan MOB te verzenden;
    4. af te zien van een vergoeding van proceskosten.

  • 01A
  • 04

    Essentie / samenvatting:
    De begroting van de provincie Utrecht kent een programmastructuur met beleidsdoelen waaronder meerjarendoelen zijn gedefinieerd. Provinciale Staten (PS) hebben opdracht gegeven bij het vaststellen van de begroting voor 2020 om de doelenboom opnieuw te ordenen. Dat gebeurt met dit Statenvoorstel. Gezien de verantwoordelijkheid voor de organisatie worden de beleidsdoelen en meerjarendoelen van Overzicht OVERHEAD (9) door GS vastgesteld. Hierover zal via de reguliere P&C-cyclus worden gerapporteerd aan PS.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. Een programma RUIMTELIJKE ONTWIKKELING in te stellen met drie beleidsdoelen:
    1.1. De ruimte voor maatschappelijke ontwikkelingen is in goede balans met de Utrechtse kwaliteiten
    1.2. De gebiedsontwikkeling is integraal en gericht op efficiëntie en kwalitatief hoogwaardig ruimtegebruik
    1.3. Er is voor iedereen die wil wonen in de provincie Utrecht passende woonruimte

    2. Een programma LANDELIJK GEBIED in te stellen met vijf beleidsdoelen:
    2.1. Het natuurnetwerk (NNN) is robuust (ontwikkeld)
    2.2. De kwaliteit van de natuur is goed/divers en veerkrachtig
    2.3. De verbinding tussen natuur, mensen en maatschappij  is sterk
    2.4. Duurzaamheid  is een substantieel onderdeel van de Utrechtse landbouw
    2.5. De leefbaarheid van het landelijk gebied is door lokale initiatieven versterkt

    3. Een programma BODEM, WATER, MILIEU in te stellen met vijf beleidsdoelen:
    3.1. De waterveiligheid en klimaatadaptatie is gewaarborgd
    3.2. De zoetwatervoorziening en het oppervlaktewater zijn van goede kwaliteit
    3.3. Het bodem- en grondwatersysteem is schoon en robuust
    3.4. De leefomgeving is gezond en veilig
    3.5. De bodemdaling en broeikasgasuitstoot in het veenweidengebied is verminderd

    4. Een programma ENERGIETRANSITIE in te stellen met vier beleidsdoelen:
    4.1. Inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties in de provincie Utrecht gebruiken minder energie
    4.2. De opwekking van duurzame energie in de provincie Utrecht is sterk toegenomen
    4.3. De energietransitie is haalbaar en betaalbaar door lobby, onderzoek en innovatie
    4.4. De Provincie is een geloofwaardige partner in de energietransitie door het goede voorbeeld te geven

    5. Een programma BEREIKBAARHEID in te stellen met negen beleidsdoelen:
    5.1. OV-reizigers zijn tevreden en het openbaar vervoer is efficiënt ingericht
    5.2. Het provinciale netwerk is sterk
    5.3. Knooppunten hebben een hoge kwaliteit en bieden een grote diversiteit van reisvoorzieningen
    5.4. Alle belangrijke werklocaties, middelbare scholen en knooppunten zijn veilig, comfortabel en snel bereikbaar per fiets, waarbij de rol van de fiets in modal shift toeneemt
    5.5. Het aantal verkeersdoden en ernstig gewonden is laag
    5.6. Het kwaliteitsnet goederenvervoer is op orde en sluit goed aan op de behoeften van gebruikers
    5.7. Negatieve effecten van mobiliteit op de kwaliteit van de leefomgeving zijn laag
    5.8. De vraag naar en het aanbod van mobiliteit is goed op elkaar afgestemd
    5.9. Verkenningen naar en regionale programma’s over een goede bereikbaarheid per fiets, openbaar vervoer en auto in een gezonde en verkeersveilige omgeving zijn uitgevoerd met daarbij monitoring van het mobiliteitsprogramma en indicatoren

    6. Een programma CULTUUR EN ERFGOED in te stellen met drie beleidsdoelen:
    6.1. De culturele infrastructuur is sterk
    6.2. De mate van behoud, de benutting en de beleving cultureel erfgoed is hoog
    6.3. De Hollandse waterlinies zijn een belangrijke drager van een aantrekkelijke ruimtelijke kwaliteit

    7. Een programma ECONOMIE in te stellen met vijf beleidsdoelen:
    7.1. Het bedrijfsleven en werknemers zijn toegerust op de toekomst
    7.2. Het economische profiel (Gezond Stedelijk Leven) is sterk en zichtbaar competitief
    7.3. Bedrijven en (kennis)instellingen zijn innovatief sterk
    7.4. Er zijn voldoende vestigingsmogelijkheden in aantal en kwaliteit
    7.5. De bezoekerseconomie is sterk en de toeristisch recreatieve structuur wordt beter benut

    8. Een programma BESTUUR in te stellen met zeven beleidsdoelen:
    8.1. Het provinciebestuur is sterk en duidelijk
    8.2. De aanpak van ondermijning is geïntensiveerd en  integriteit is een vast onderdeel van het politieke-, bestuurlijke- en bedrijfsproces
    8.3. In verbinding met de partners, stakeholders en inwoners (via bijvoorbeeld participatie) is het strategisch vermogen van de organisatie groot
    8.4. De regionale slagkracht is sterk (ook over bestuurlijke grenzen heen)
    8.5. Gemeenten, gemeenschappelijke regelingen en waterschappen functioneren goed conform de wet
    8.6. Concernbrede aansturing op brede thema’s is krachtig en effectief
    8.7. Archiefbewaarplaats en toezicht op informatiebeheer is op orde

    9. De doelen van het overzicht OVERHEAD (9) vast te stellen

    10. Deze indeling te hanteren bij het opstellen van de conceptbegroting 2021

    11. Om een voorstel op te stellen voor indicatoren die aansluiten bij deze doelenboom

    12. In te stemmen met de wijze waarop concern brede thema’s zijn opgenomen in de doelenboom

    13. Het statenvoorstel vast te stellen en te versturen naar PS

    14. De nieuwe doelenboom (versie 2.0) in schema en met toelichting, inclusief de bijbehorende documenten (Brede thema’s en informatieblad) toe te sturen aan PS.

  • 05

    Essentie / samenvatting:
    Het IPO bestuur vergadert op 28 mei 2020 en vanuit de provincie Utrecht is er een annotatie op de agenda voor deze bestuursvergadering opgesteld.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    In te stemmen met:
    1. 2a. 'Taskforce herstel economie';
    2. 2b. ‘Reactie op Thorbeckebrief en discussierapport Studiegroep Interbestuurlijke en financiële verhoudingen’, met inachtneming van de opmerkingen in het advies;
    3. 3a. ‘Jaarstukken 2019’;
    4. 3b. ‘Voorjaarsnota IPO-BIJ12’;
    5. 3c. ‘Voorbereiding programma natuur en actualisatie natuurpact’’, met inachtneming van de opmerking in het advies;
    6. 3d. ‘Taakopdracht strategische provinciefinanciën’, met inachtneming van de kanttekeningen in het advies;
    7. 4a. ‘Actualiteiten werkgeverszaken’.

  • 06

    Essentie / samenvatting:
    Met deze brief worden de Staten geïnformeerd over de bijgestelde planning voor het vaststellen van de jaarstukken 2018 en 2019.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten de statenbrief Bijgestelde planning jaarrekeningproces 2018 en 2019 vast te stellen en naar PS te verzenden.

  • 07

    Essentie/samenvatting:
    In 2022 wordt onderhoud uitgevoerd aan de gehele N484 in de gemeente Vijfheerenlanden. In het kader van de trajectaanpak is onderzocht welke maatregelen gelijktijdig uitgevoerd kunnen worden om de hinder voor het verkeer en de omgeving te minimaliseren en kosten te besparen (werk met werk maken).
    De voorgestelde investeringsmaatregelen bestaan op hoofdlijnen uit het noodzakelijk verbreden van het weggedeelte tussen Leerdam en Schoonrewoerd, de aanleg van twee rotondes, het aanbrengen van geleiderail en bermverharding, het nemen van geluidreducerende maatregelen en het toestaan van landbouwverkeer op de hoofdrijbaan.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. Om in 2022 op de N484 gelijktijdig met diverse onderhoudswerkzaamheden aanvullende infrastructurele en leefbaarheidsmaatregelen te treffen, zijnde:
    a) Het verbreden van de hoofdrijbaan tussen Leerdam en Schoonrewoerd;
    b) Het aanleggen van rotondes op de aansluitingen van Hoogeind en Overboeicop;
    c) Het aanbrengen van bermverharding en het gedeeltelijk plaatsen houten geleiderail langs de hoofdrijbaan;
    d) Het aanbrengen van snelheidremmende maatregelen en het instellen van een spitsmaatregel op de parallelweg Schaikseweg.
    2. Het landbouwverkeer op de gehele hoofdrijbaan N484 toe te staan;
    3. Een investeringskrediet ter beschikking te stellen van € 7.8 miljoen, waarvan
                  € 0.7 miljoen uit investeringen Verkeersveiligheid,
                  € 0.13 miljoen uit investeringen Fiets en
                  € 6.97 miljoen uit investeringen provinciale wegen;
    4. Om de statenbrief vast te stellen en ter informatie toe te zenden aan Provinciale Staten.

  • 09

    Essentie / samenvatting:
    Op woensdag 20 november 2019 is op het bestuurlijke overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO MIRT) Noord West met de ministers van Infrastructuur en Waterstaat en van Wonen en Milieu, besloten om een MIRT verkenning te starten naar een kansrijk maatregelpakket van € 500 miljoen voor OV en wonen. De inzet is om dit maatregelpakket te realiseren voor 2030 om zo de geplande woningbouwopgave te faciliteren op locaties die voor 2030 aan de orde zijn, de OV bereikbaarheid van Utrecht Science Park te verbeteren en de multimodale knoop Utrecht Centraal Station te ontlasten.
    Met deze MIRT verkenning wordt het eerste deel uitgewerkt van het OV-concept Wiel met Spaken, zoals vastgesteld met het Koersdocument (december 2018) en het ontwerp voor de provinciale Omgevingsvisie (maart 2020). De start van deze verkenning staat gepland voor de zomer. De nu voorliggende besluiten richten zich op de voorbereiding van deze verkenning en het informeren van Provinciale Staten.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. de gedeputeerden Mobiliteit en Ruimtelijke Ordening te machtigen om in de Programmaraad U Ned in te stemmen met het door de ministers van Infrastructuur en Waterstaat en van Wonen en Milieu te nemen startbeslissing, onder voorbehoud van een positieve beslissing door Provinciale Staten op de daarvoor gereserveerde middelen in de Begroting 2021;
    2. de Statenbrief vast te stellen en deze te versturen naar Provinciale Staten.

  • 10

    Essentie / samenvatting:
    Het programma Informatieveiligheid en privacy (IV&P), onderdeel van de concernopgave ‘Digitale Overheid’, wordt per 4 maart jl. van binnenuit via de lijn van het domein Bedrijfsvoering opgepakt.
    De interventie is bedoeld om beter de lijnverantwoordelijkheid in de staande organisatie te kunnen aanjagen waardoor de IV&P-processen beter tot wasdom komen en beter toegerust worden om de risico’s te kunnen indammen. Hiermee wordt één van de conclusies uit De Notitie Assessment informatiebeveiliging 2019 ingelost.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten de statenbrief Interventie binnen concernopgave ‘Digitale Overheid’ vast te stellen en ter informatie toe te zenden aan Provinciale Staten.

  • 11
  • 12

    Essentie / samenvatting:
    Eind 2015 hebben Gedeputeerde Staten (GS) op basis van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer (SVNL2016) aan de zeven agrarische collectieven in de provincie Utrecht subsidie verleend voor het uitvoeren van agrarisch natuur- en waterbeheer (ANLb) voor de periode 2016 t/m 2021. Jaarlijks is via openstellingsbesluiten aan de collectieven de mogelijkheid geboden een uitbreiding aan te vragen van de subsidie. Het Openstellingsbesluit agrarisch natuur- en waterbeheer 2021 maakt dit opnieuw mogelijk voor 2021. Dit jaar zijn de mogelijkheden echter beperkt vanwege de beschikbare financiële middelen. Het Openstellingsbesluit maakt het alleen voor het collectief Utrecht Oost en het collectief Rijn Vecht en Venen mogelijk een uitbreiding aan te vragen. Deze mogelijkheid is verder beperkt tot het beheer van kleine landschapselementen en agrarisch waterbeheer.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. het Openstellingsbesluit agrarisch natuur- en waterbeheer 2021 provincie Utrecht, geregistreerd onder nr. 820E0631, vast te stellen en te publiceren in het Provinciaal Blad;
    2. gedeputeerde Bruins Slot te machtigen redactionele aanpassingen aan te brengen in het Openstellingsbesluit.

  • 14

    Essentie/ samenvatting:
    Dit stuk bevat de uitkomst van afspraken die in het Nationaal Openbaar Vervoerberaad (NOVB) zijn gemaakt tussen Rijk, vervoerders en decentrale overheden om de beschikbaarheid van het OV voor de duur van de coronacrisis te garanderen en de bekostiging daarvan te garanderen door een beschikbaarheidsvergoeding van het Rijk voor gederfde opbrengsten. Daarbij zeggen de decentrale overheden toe hun in de begroting 2020 voor openbaar vervoer bestemde middelen ter beschikking te blijven stellen.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. kennis te nemen van de voortgang van de besprekingen in het Nationaal Openbaar Vervoer Beraad (NOVB) inzake OV en Corona, en het vastgestelde Protocol OV-corona (bijgevoegd);
    2. in te stemmen met de NOVB-afspraak op hoofdlijnen tussen het Rijk, de vertegenwoordigers van de Decentrale OV-autoriteiten en de vertegenwoordigers van de vervoerbedrijven, die in grote lijnen inhoudt dat:
    - het Rijk voor het OV een beschikbaarheidsvergoeding beschikbaar stelt vanaf 16/3/2020 (het begin van de intelligente lockdown periode) via 1/6/2020 (de inwerkingtreding van het OV-protocol corona) tot een nader te bepalen situatie;
    - het Rijk tevens de kosten in verband met genomen coronamaatregelen en het invoeren van het zogenoemde OV-protocol voor haar rekening neemt;
    - het Rijk tevens in geval van liquiditeitsvraagstukken bevoorschotting zal bieden;
    - Vervoerbedrijven afzien van winsten, dividenden en bonussen zo lang de beschikbaarheidsvergoeding loopt, en ook geen ontvangen subsidiemiddelen vanuit de beschikbaarheidsvergoeding laten ‘afvloeien’ naar (buitenlandse) aandeelhouders en eventueel nader te bepalen bijdragen leveren;
    - de decentrale OV-autoriteiten bij de eindafrekening 2020 hun concessiehouders vergoeden voor de normale dienstregeling inclusief de in verband met corona vervallen ritten, een en ander verder met in acht neming van de concessievoorwaarden.
    3. te bevestigen dat, om ervoor te zorgen dat het OV een blijvende vitale rol speelt in en na deze periode van corona, een constructieve medewerking van de decentrale OV-autoriteiten en daarmee de provincie Utrecht noodzakelijk is, in samenwerking met het Rijk (in de rijksrollen van ‘corona-regisseur’, ‘stelselverantwoordelijke voor het OV’, en ‘nationaal mobiliteitsregisseur’);
    4. te bevestigen dat de decentrale OV-autoriteiten en daarmee ook de provincie Utrecht vanuit hun OV-rol samen ook met de OV-bedrijven en de infrabeheerders desgewenst actief regie zullen voeren over zaken als de routering en bebording naar, op en bij haltes en (regionale) stations, conform het OV protocol;
    5. de statenbrief vast te stellen en toe te zenden aan Provinciale Staten.

  • 16

    Essentie / samenvatting:
    Een woningbouwvereniging heeft bij de renovatie van een appartementencomplex in Veenendaal de zorgplicht uit de Wet natuurbescherming overtreden. Voorafgaand aan renovatiewerkzaamheden moet er standaard deugdelijk ecologisch onderzoek plaatsvinden naar de aanwezigheid van onder andere vleermuizen om, zo nodig, tijdig maatregelen te kunnen treffen. De woningbouwvereniging heeft nagelaten om inzake het appartementencomplex verifieerbare onderzoeksresultaten aan de provincie toe te zenden. Doel van de opgelegde (waarschuwende) last onder dwangsom is dat de woningbouwvereniging in het vervolg wél de Wet natuurbescherming naleeft. Gedeputeerde Staten willen bij hun beslissing op het bezwaar de resultaten betrekken van een begin 2020 gestart onderzoek hoe de provinciale ambities rond energietransitie zich verhouden tot de zorgplicht uit de Wet natuurbescherming. Gedeputeerde Staten besluiten daarom om hun beslissing op bezwaar te verdagen tot kort vóór de komende zomervakantie. Bezwaarde heeft hiermee ingestemd.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. nu geen inhoudelijke beslissing te nemen op het bezwaarschrift tegen de op 12-12-2019 opgelegde last onder dwangsom;
    2. de beslissing op bezwaar te verdagen tot uiterlijk 1 september 2020;
    3. het verdagingsbesluit gemotiveerd vast te stellen en aan bezwaarde te verzenden.

  • 17

    Essentie / samenvatting:
    Een bedrijf dat onder andere spouwmuren isoleert, adverteerde voor isolatiewerkzaamheden aan woningen in de gemeente Rhenen met een werkplanning die onvoldoende mogelijkheden bood om correct inhoud te geven aan de in de Wet natuurbescherming opgenomen zorgplicht voor beschermde diersoorten. Gedeputeerde Staten hebben daarom aan het bedrijf een last onder dwangsom opgelegd met als doel dat het bedrijf in het vervolg een ruimere en/of voorwaardelijke werkplanning hanteert. De Awb-adviescommissie overweegt dat kleinere bedrijven mogelijk niet altijd op de hoogte zijn van het in 2017 verschenen IPO-voorlichtingsdocument en adviseert om de bestreden last onder dwangsom te herroepen en die te vervangen door een formele preventieve last onder dwangsom. Gedeputeerde Staten nemen het advies vanwege de moeilijke bewijslast niet over, omdat juridisch niet kan worden aangetoond dat het bedrijf in andere gemeenten opnieuw eenzelfde advertentie zal gebruiken. Recent hebben Gedeputeerde Staten aan bezwaarde voorgesteld de beslissing op bezwaar te verdagen tot kort vóór de komende zomervakantie vanwege een begin 2020 gestart onderzoek hoe de provinciale ambities rond energietransitie zich verhouden tot de zorgplicht uit de Wet natuurbescherming. Bezwaarde wil daarop niet wachten. Alles overwegende handhaven Gedeputeerde Staten daarom het bestreden besluit en vergoeden geen proceskosten.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. het bezwaarschrift tegen de op 11-11-2019 opgelegde last onder dwangsom ongegrond te verklaren;
    2. het advies van de Awb-adviescommissie om bewijstechnische redenen niet over te nemen;
    3. geen proceskosten te vergoeden;
    4. de beslissing op bezwaar beargumenteerd vast te stellen en te verzenden.

  • 18

    Essentie / samenvatting:
    Een woningbouwvereniging heeft bij isolatiewerkzaamheden in Zeist de zorgplicht uit de Wet natuurbescherming overtreden. Voorafgaand aan renovatie/isolatie-activiteiten moet er standaard deugdelijk ecologisch onderzoek plaatsvinden naar de aanwezigheid van onder andere vleermuizen om, zo nodig, tijdig maatregelen te kunnen treffen. De woningbouwvereniging heeft dat nagelaten. Ook is er vooraf geen vergunning aangevraagd. Wel is er bezwaar aangetekend tegen het besluit van Gedeputeerde Staten om een verbeurde dwangsom van € 1.500,- in te vorderen. Gedeputeerde Staten willen bij hun beslissing op het bezwaar de resultaten betrekken van een begin 2020 gestart onderzoek hoe de provinciale ambities rond energietransitie zich verhouden tot de zorgplicht uit de Wet natuurbescherming. Gedeputeerde Staten besluiten daarom om hun beslissing op bezwaar te verdagen tot kort vóór de komende zomervakantie. Bezwaarde heeft hiermee ingestemd.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. nu geen inhoudelijke beslissing te nemen op het bezwaarschrift tegen de op 11-12-2019 ingevorderde last onder dwangsom van € 1.500,-;
    2. de beslissing op bezwaar te verdagen tot uiterlijk 1 september 2020;
    3. het verdagingsbesluit gemotiveerd vast te stellen en aan bezwaarde te verzenden.

  • 27

    Essentie / samenvatting:
    De Kaderbrief komt in plaats van de normaal in de planning & control cyclus passende Kadernota. In een Kadernota stellen Provinciale Staten de beleidskaders en bijbehorend financieel kader vast, op basis waarvan de meerjarenbegroting 2021 – 2024 door het college opgesteld kan worden. Het zijn echter bijzondere en onzekere tijden. Daarom verkiest het college van Gedeputeerde Staten dit jaar een Kaderbrief boven een Kadernota.

    Beslispunten:
    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. de Kaderbrief 2021-2024 vast te stellen;
    2. het bijbehorende Statenvoorstel vast te stellen;
    3. de portefeuillehouder Strijk te mandateren om tekstuele wijzigingen door te voeren en nadien de Kaderbrief 2021-2024 en het bijbehorende Statenvoorstel aan Provinciale Staten toe te zenden.